de koude kille ijsbeer

Een verwarde indruk, dat is wat het nieuwe stuk, Almschi, van Skagen achterlaat. Onaf, vergezocht, geen structuur , zijn ook typerende adjectieven. Men vloog van scene naar scene zonder dat er een duidelijke samenhang was. En dat is jammer, want de figuur Almschi is een uniek personage die een goede representatie van haar leven waard is.
Tijd is een moeilijk gegeven in het toneel. Hoe moet men een leven samenballen, reduceren tot een voorstelling van ocharm 2 à 3 uur. Skagen heeft dit probleem proberen op te lossen door alles zo snel te laten opvolgen tot het belachelijke toe. De bevallingen, de buitenechtelijke relaties, de dood volgden elkaar zo snel op dat het hele personage van Almschi diepgang verloor. Eigenlijk was er helemaal geen diepgang. Almschi evolueerde niet doorheen het stuk. Ze bleef maar het onuitstaanbare mens dat ze in het begin was. Skagen moest haar steeds vijftig jaar ouder laten worden, toch bleef ze steeds die pretentieuze twintiger. Een zeer jammer iets, want zo kreeg het publiek geen voeling met het personage en konden haar gemoedstoestanden ons eigenlijk niet veel schelen.
Het spel tussen de personages onderling liet ook te wensen over: er was geen passie en geen vuur. De personages speelden niet met elkaar, maar naast elkaar. Er hing geen spanning in de lucht. Wat toch verwonderlijk is, want spanning is zeer zeker belangrijk bij buitenechtelijke relaties. De relaties kwamen hier koel en berekend over. Eigenlijk het tegenoverstelde van wat een passionele relatie zou moeten zijn. Als ze wilden aantonen dat Almschi zich niet konden binden en mensen niet echt kon liefhebben, dan hebben ze het te ver doorgetrokken, want haar aanbidders waren net zoals haar: niet teder. Alleen kil.
Het uitgangspunt van de voorstelling was de terugblik van Almschi op haar verleden als een museum. Het decor was het meest geslaagd van de hele voorstelling. Al haar minnaars zaten in glazen bakken en werden er op gezette tijden uitgehaald. Geniaal gevonden. De opgezette ijsbeer zette na tot denken. Groot, wit en dreigend stond hij daar te staan als symbool voor de koudheid van het karakter van Almschi. Misschien ook als waarschuwing: wees niet zo kil, anders schrik je iedereen af en zit je daar alleen, in je eenzame museum van herinneringen. Het grote hoofd van de bejaarde Almschi was een technisch hoogstandje. Het had gerust nog een grotere rol mogen spelen. Het hypnotiseerde je, bracht je weer in opperste concentratie, kortom het was een welkome afwisseling.
Misschien was het grootste probleem van het stuk wel dat het te langdradig was. Het laatste halfuur was er zeker teveel aan. Elke afwisseling was welkom. Doordat je geen voeling had met de personages, kon het verhaal je het niet veel schelen. Tegen het einde was je zo uitgekeken op het decor en op het monotone verhaal dat je je best moest doen om niet in te dommelen.

Geen enkel slecht woord voor het decor dat echt subliem was, maar doordat de personages niet genoeg uitgediept waren, was het stuk een teleurstelling. Het verhaal kon uitgroeien tot een echte topper, maar er was geen chemie tussen de acteurs om zo’n moeilijk stuk te dragen. Laat staan om over te brengen naar het publiek. Een betere uitwerking van de personages zou het stuk de nodige boost geven om uit te groeien tot wat het zou moeten zijn: een aangrijpend verhaal van een vrouw die niet kan liefhebben, hoe eenzaam ze zich ook voelt.